Zaanse klokkenmakers 1720–1760 | Verfijning en verandering
De Zaanse klokkenmakerij bouwt voort op de traditie van de eerdere generaties en sluit steeds meer aan bij de veranderende smaak van de achttiende eeuw.
Kenmerken van Tijdvak 3 in één oogopslag:
- Tijdvak: 3 – Verfijning en verandering
- Periode: 1720–1760
- Kenmerk: De Zaanse klokkenmakerij bouwt voort op de traditie van de eerdere generaties en sluit steeds meer aan bij de veranderende smaak van de achttiende eeuw.
- Tijdbeeld: De economische bloei van de Zaanstreek bereikt rond 1730 haar hoogtepunt, waarna verschillende bedrijfstakken geleidelijk teruglopen.
- Bijzonder: Zaanse klokkenmakers werken niet alleen aan gewone wandklokken, maar zijn ook betrokken bij bijzondere uurwerken en torenuurwerken.
- Klokkenmakers in deze periode: Jan de Groot · Dirk Engel · Jan Kosters · Samuel Schevenij · Melsert van der Meer · Cornelis van der Markt · Dirk Veen · Dirk Jonker · Jan Klaesz. Koogies · Jan Groberg(e) · F.N. Velger · Frans Cornelis · Jan Ephraim Adamie · Jan de Vries
Van een klokkenmaker die al een eigen pagina heeft, kunt u op de bruine naam klikken om het volledige verhaal van deze klokkenmaker te lezen.
Rond 1730 bereikt de Zaanstreek het hoogtepunt van een economische ontwikkeling die al ruim een eeuw eerder was begonnen. Langs de Zaan en in de omliggende dorpen staan honderden industriemolens, schepen brengen grondstoffen aan en pakhuizen liggen vol met goederen die hun weg vinden naar binnen- en buitenland. Het is een indrukwekkend beeld, maar juist op het moment dat de Zaanse bedrijvigheid haar grootste omvang heeft bereikt beginnen de eerste veranderingen zichtbaar te worden.
De periode tussen 1720 en 1760 is daardoor een bijzondere overgang in de geschiedenis van de Zaanstreek. De streek blijft een belangrijk centrum van handel en nijverheid, maar de snelle expansie van de voorgaande eeuwen maakt plaats voor een veel minder vanzelfsprekende ontwikkeling. Sommige bedrijfstakken lopen terug, andere weten zich juist goed te handhaven of groeien nog verder. Tegelijkertijd verandert de smaak van de welgestelde burgerij en krijgen Franse invloeden steeds meer invloed op interieur, architectuur en vormgeving.
Ook de Zaanse klok beweegt mee met die veranderende wereld. De grote pioniers van de zeventiende eeuw zijn verdwenen en een nieuwe generatie klokkenmakers heeft het vak overgenomen. Hun klokken bouwen voort op de tradities van hun voorgangers, maar krijgen steeds meer de verfijnde uitstraling van de achttiende eeuw.
De Zaanstreek op haar economische hoogtepunt
Het landschap langs de Zaan rond 1730 is nauwelijks te vergelijken met het huidige beeld van de streek. Overal waren molens, pakhuizen, werven en werkplaatsen te vinden. De Zaanstreek had zich in de zeventiende eeuw ontwikkeld tot een uitzonderlijk bedrijvig gebied en die ontwikkeling zette zich in de eerste decennia van de achttiende eeuw nog voort.
In 1731 waren er in de Zaanstreek maar liefst 583 industriemolens in bedrijf. Daarnaast waren er honderden pakhuizen en andere handels- en bedrijfsgebouwen. Vooral Zaandam vormde een belangrijk economisch centrum. De houtzagerij had rond 1730 haar absolute hoogtepunt bereikt, terwijl ook de olieslagerij, pellerij en papiermakerij van grote betekenis waren. De Zaanstreek was daarmee niet afhankelijk van één bedrijfstak, maar kende een indrukwekkende verscheidenheid aan handel en nijverheid.
Voor de mensen die hier woonden betekende dat een streek vol bedrijvigheid. De molens waren niet alleen grote machines in het landschap, maar werkplaatsen waar iedere dag werd gezaagd, geperst, gemalen en verwerkt. Scheepswerven bouwden grote schepen en in de dorpen waren timmerlieden, smeden, koperslagers en andere ambachtslieden actief. Ook de klokkenmakerij maakte deel uit van deze wereld van gespecialiseerde vakken.
Juist daarom is het interessant dat het economische hoogtepunt van de Zaanstreek vrijwel samenvalt met het begin van een nieuwe fase. Vanaf ongeveer 1730 begon een periode van economische wankeling en teruggang. Dat betekende overigens niet dat alles tegelijkertijd achteruitging. De verschillende bedrijfstakken hadden ieder hun eigen ontwikkeling. De houtzagerij liep na 1740 sterk terug, terwijl de olieslagerij zich nog lange tijd op een hoog niveau handhaafde en de pellerij zelfs tot omstreeks 1760–1780 een sterke positie behield.
Wanneer de groei begint te veranderen
De overgang van groei naar teruggang verliep geleidelijk. De Zaanse economie was inmiddels zo omvangrijk geworden dat veranderingen in handel en afzet direct gevolgen konden hebben voor de bedrijven langs de Zaan. Ook buiten de streek veranderde de economische verhouding tussen de Republiek en de omliggende landen.
Toch is het te eenvoudig om deze periode alleen maar als een tijd van verval te beschrijven. De Zaanstreek bleef economisch belangrijk en sommige bedrijfstakken wisten zich juist goed aan te passen. De olieslagerij is daarvan een duidelijk voorbeeld. In 1731 waren er ongeveer 140 oliemolens in de streek en na 1740 nam de betekenis van deze bedrijfstak niet op dezelfde manier af als bij de houtzagerij. Ook de pellerij bleef zich ontwikkelen.
De veranderingen waren dus niet overal hetzelfde. Dat maakt de periode 1720–1760 juist interessant. Terwijl de ene molen minder werk kreeg, kon elders nog volop worden geproduceerd. De Zaanstreek veranderde daardoor niet plotseling van een welvarend industriegebied in een streek in verval; het was eerder een langzaam verschuivend economisch landschap.
De smaak van de achttiende eeuw
Naast de economische veranderingen voltrok zich een andere ontwikkeling die voor de klokkenmakers van belang was: de smaak veranderde. De zware vormen van de zeventiende-eeuwse barok maakten in de achttiende eeuw geleidelijk plaats voor lichtere en sierlijkere vormen. De Franse cultuur had grote invloed op de mode en het interieur van de welgestelde burgerij.
De ontwikkeling liep van barok naar rococo en later naar classicisme. Vooral de rococo bracht sierlijke lijnen, asymmetrische vormen en het bekende schelpmotief in de interieurs. Ook klokken maakten deel uit van die veranderende smaak. Museum Zaanse Tijd laat zien hoe de achttiende-eeuwse uurwerkkunst in bredere zin steeds meer verbonden raakte met de nieuwe interieurstijlen van de Pruikentijd.
Voor de Zaanse klokkenmaker betekende dit geen breuk met het verleden, maar wel een verandering in vormgeving. De klok moest niet alleen de tijd aangeven, maar ook passen bij het interieur waarin hij terechtkwam. De vorm van de kast, de versiering en de uitvoering van de wijzerplaat konden daardoor veranderen zonder dat het onderliggende vakmanschap verdween.
Dat is goed te zien wanneer we de Zaanse klok uit deze periode vergelijken met de oudere exemplaren. De robuuste uitstraling van sommige zeventiende-eeuwse klokken maakt geleidelijk plaats voor een verfijnder uiterlijk. De ontwikkeling verliep niet overal tegelijk en oude en nieuwe vormen bleven naast elkaar bestaan, maar de smaak van de achttiende eeuw werd steeds duidelijker zichtbaar.
De Zaanse klokkenmakerij tussen traditie en vernieuwing
De makers uit deze periode behoorden tot een nieuwe generatie. Namen als Jan de Groot, Dirk Thijszoon Engel, Jan Kosters, Samuel Schevenij, Melsert van der Meer en Cornelis van der Markt komen in de geschiedenis van de Zaanse uurwerkkunst naar voren naast de families die al eerder actief waren.
Sommige van deze makers sloten aan bij bestaande tradities, terwijl anderen hun eigen plaats binnen het vak vonden. ZaanWiki noemt onder meer Jan Ephraim Adamie, Frans Cornelis, Jan Groberg, Dirk Jonker en verschillende leden van de familie Koogies als achttiende-eeuwse Zaanse klokkenmakers.
De klokkenmakerij was daarmee geen afgesloten wereld waarin alleen enkele oude families het vak beheersten. Er waren verschillende makers actief en de werkplaatsen stonden in verbinding met de bredere ambachtelijke wereld van de Zaanstreek. De geschiedenis van deze periode wordt daardoor gevormd door zowel familietradities als individuele vaklieden.
Dat geldt bijvoorbeeld voor Dirk Thijszoon Engel, die al aan het einde van de zeventiende eeuw actief was maar met zijn werk ook in het begin van de achttiende eeuw zichtbaar blijft. Daarnaast zien we makers als Dirk Jonker, Jan Groberg en Jan Ephraim Adamie, die ieder hun eigen plaats in het verhaal van de Zaanse klok innemen.
Van de Zaan naar de rest van Nederland
Een van de interessantste kanten van deze periode is dat de Zaanse uurwerkmaker niet uitsluitend voor klanten in de eigen streek werkte. Sommige makers kregen opdrachten die hen ver buiten de Zaanstreek brachten.
Een bijzonder voorbeeld is Melsert van der Meer uit Krommenie. Samen met zijn zoon Dirk leverde hij in 1744 het uurwerk voor de Grote Kerk van Vollenhove. Twee jaar later volgde het uurwerk voor de Grote Kerk van Steenwijk. Voor dat laatste werk bedroeg de aanneemsom 400 Carolusgulden.
Daarmee krijgt de geschiedenis van de Zaanse klokkenmakerij een bredere betekenis. De maker die in Krommenie zijn vak uitoefende, kon opdrachten uitvoeren voor kerken op aanzienlijke afstand van de Zaanstreek. Het vak beperkte zich dus niet tot de wandklok in het woonhuis. Sommige uurwerkmakers beschikten over kennis en ervaring waarmee zij ook grotere en meer ingewikkelde opdrachten konden uitvoeren.
Dat maakt Melsert van der Meer en zijn zoon bijzonder binnen deze geschiedenis. Hun werk laat zien dat de Zaanse uurwerkkunst niet alleen bestond uit de klokken die tegenwoordig in musea en verzamelingen als Zaanse klok worden herkend. Achter de naam van een Zaanse uurwerkmaker kon ook een veel bredere praktijk schuilgaan.
Een tijd van verfijning
De technische ontwikkelingen van de achttiende eeuw moeten we daarbij niet los zien van de bredere ontwikkeling van de Nederlandse uurwerkkunst. In de Republiek bleef belangstelling bestaan voor ingewikkelde uurwerken, astronomische aanduidingen en andere bijzondere toepassingen. Museum Zaanse Tijd beschrijft bijvoorbeeld hoe in de achttiende eeuw verschillende typen klokken werden uitgerust met figuurmechanieken, speelwerken en astronomische aanduidingen.
Ook in de Zaanse klokkenmakerij zijn bijzondere uitvoeringen bekend. Sommige klokken werden voorzien van extra aanduidingen of uitgebreidere uitvoeringen van het uurwerk. Maar het is belangrijk om daarbij niet iedere technische vernieuwing aan één Zaanse maker of aan de Zaanstreek als geheel toe te schrijven. De ontwikkeling van de uurwerkkunst vond plaats binnen een veel groter netwerk van Nederlandse en Europese makers.
Juist daardoor wordt de periode interessanter. De Zaanse klokkenmaker werkte niet in afzondering, maar binnen een vakgebied waarin ideeën, stijlen en technieken zich voortdurend verspreidden. De Zaanstreek had haar eigen traditie opgebouwd, maar die traditie stond open voor invloeden van buitenaf.
De Zaanse klok krijgt een nieuw uiterlijk
In de jaren tussen 1720 en 1760 veranderde daardoor langzaam het uiterlijk van de Zaanse klok. De kastvormen werden aangepast aan de smaak van de achttiende eeuw en de decoratie werd verfijnder. Tegelijkertijd bleven veel kenmerken van de oudere Zaanse klok herkenbaar.
Dat samenspel van oud en nieuw is misschien wel het meest kenmerkende van dit tijdvak. De klokkenmakers hoefden hun vak niet opnieuw uit te vinden. Zij konden voortbouwen op de kennis die in de zeventiende eeuw was opgebouwd, terwijl zij nieuwe vormen en invloeden in hun werk opnamen.
De Zaanse klok werd daarmee onderdeel van de veranderende wooncultuur van de achttiende eeuw. Waar de vroege klokken vooral laten zien hoe een nieuw ambacht in de Zaanstreek voet aan de grond kreeg, laten de klokken uit deze periode zien hoe dat ambacht zich wist aan te passen aan een veranderende wereld.
Het einde van een tijdvak
Rond 1760 is de Zaanstreek nog altijd een streek van handel, molens en nijverheid, maar het beeld van voortdurende economische groei behoort tot het verleden. De houtzagerij is na haar hoogtepunt sterk teruggelopen en ook andere bedrijfstakken hebben het moeilijker gekregen. Tegelijkertijd zijn er nog steeds bedrijfstakken die zich goed weten te handhaven. De economische geschiedenis van de Zaanstreek kent daardoor geen scherp omslagpunt, maar een geleidelijke overgang.
Ook voor de klokkenmakerij breekt een nieuwe fase aan. De generatie die rond 1720 aan het werk was, maakt geleidelijk plaats voor jongere makers. De achttiende-eeuwse smaak ontwikkelt zich verder en de economische omstandigheden worden steeds belangrijker voor de toekomst van de streek.
Het tijdvak 1720–1760 vormt daarmee een soort scharnierpunt in de geschiedenis van de Zaanse klok. De grote expansie van de zeventiende eeuw ligt achter ons, maar de Zaanse uurwerktraditie is nog springlevend. De makers van deze jaren verfijnen het werk van hun voorgangers en passen het aan aan de smaak en omstandigheden van hun eigen tijd.
Lijst van antieke Zaanse klokkenmakers (1720–1760)
In dit tijdvak komen we onder andere de volgende makers tegen:
Jan de Groot · Dirk Engel · Jan Kosters · Samuel Schevenij · Melsert van der Meer · Cornelis van der Markt · Dirk Veen · Dirk Jonker · Jan Klaesz. Koogies · Jan Groberg(e) · F.N. Velger · Frans Cornelis · Jan Ephraim Adamie · Jan de Vries
Van een klokkenmaker die al een eigen pagina heeft, kunt u op de naam klikken om het volledige verhaal van deze maker te lezen.
Lees verder in de serie: Zaanse Klokken & Klokkenmakers
🕰️ Historie & Tijdvakken
- De geschiedenis van de Zaanse klok
- Lees het grotere verhaal over de oorsprong en de ontwikkeling van de Zaanse klok door de eeuwen heen.
- Zaanse klokkenmakers (Centraal Overzicht)
- Bekijk het centrale overzicht van de Zaanse klokkenmakers en ontdek welke meesters actief waren.
- Tijdvak 1 – De Pioniers (1650–1685)
- Ontdek de allereerste klokkenmakers die de basis legden voor de unieke Zaanse stijl.
- Tijdvak 2 – Gouden Bloeiperiode (1685–1720)
- Na de pioniersjaren groeit de Zaanstreek verder in welvaart en treedt een nieuwe generatie aan.
- Tijdvak 3 – Verfijning en verandering (1720–1760)
- Hoe de Zaanse klok zich verder ontwikkelde in een veranderende markt en uiteindelijk plaatsmaakte voor nieuwe stijlen.
- Tijdvak 4 – De laatste Meesters (Vanaf 1760-1820)
- Over het einde van de authentieke productie en hoe de klok een iconisch verzamelobject werd.
🛠️ Populaire Modellen & Onderhoud
- De Albert Heijn Jubileumklok
- Het verhaal achter de legendarische spaaractie die de Zaanse klok in duizenden huiskamers bracht.
- De Zaanse onderhoudsbeurt
- Praktische tips voor het onderhouden, oliën, gelijkzetten en perfect laten lopen van jouw Zaanse klok.
Achtergrond en bronvermelding
Over de totstandkoming van deze artikelen
Binnen onze dagelijkse praktijk als klokkenmakers ligt onze ware passie en expertise natuurlijk bij het mechanische hart van de klok: het minutieuze herstel, het afstellen van het raderwerk en het draaiende houden van de fijne techniek op de werkbank in Alkmaar. Omdat een antiek uurwerk pas echt gaat leven als men ook de persoonlijke verhalen van de oude meesters kent, hebben wij voor deze grootschalige serie uitgebreid historisch bronnenonderzoek gedaan. Dit overzicht en de chronologische indeling zijn het resultaat van honderden uren eigen speurwerk in vakliteratuur, oude transportregisters en diverse museale documenten.
Hoewel wij klokken door en door kennen zijn wij vanzelfsprekend geen historici of een wandelende encyclopedie. Dit database-overzicht is dan ook puur bedoeld om onze liefde voor de Zaanse uurwerkkunst en haar rijke, Noord-Hollandse geschiedenis met u te delen. Voor diepgaande historische vragen of complex stamboomonderzoek verwijzen wij u met veel plezier door naar de officiële horologische musea en de streekarchieven.
Voor het vakkundige onderhoud, een gecompliceerde reparatie of een betrouwbare echtheidscheck van het uurwerk zelf, staat de deur van onze werkplaats in Alkmaar uiteraard wél altijd wijd voor u open!
Copyright & Bronvermelding
Dit overzicht is mede gebaseerd op en geverifieerd aan de hand van de archieven van het Museum Zaanse Tijd en de Federatie Klokkenvrienden. De unieke samenstelling, verhalende omschrijvingen en de specifieke structuur op deze website vallen onder het auteursrecht van lars-dekker.nl. Overname van deze teksten of de specifieke structuur zonder uitdrukkelijke toestemming is niet toegestaan. © Lars Dekker.